Level 4 Level 6
Level 5

1-250 Academic Dutch


250 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
onderbouwen
to build, found, substantiate
subjectief
subjective
de these
the thesis [not de claim, de stelling, het proefschrift]
de productie
the production
behandelen
to handle, deal with, treat, attend to; to treat (of), discuss
overlappen
to overlap
de denkwijze
the way of thinking
hoogstaand
high-principled
benoemen
to name, appoint, assign (to), nominate [not aangeven]
de orde
the order [not de rangschikking, de rangorde, de ordening, de opdracht, de sortering]
zogenoemd
so-called [not zogeheten]
afwijzen
to reject, refuse, decline; to not admit, turn away
uittesten
to test (out) [not toetsen, beproeven, verifiëren, t...]
het continuüm
the continuum
incompleet
incomplete
associëren
to associate
pleiten
to plead
onzuiver
impure
de schommeling
the fluctuation [not de fluctuatie]
de selectie
the selection [not de sortering]
de definitie
the definition [not de omschrijving]
bewerkstelligen
to bring about, effect, realize
bewijzen
to prove [not aantonen, betogen, demonstreren]
determineren
to determine [not bepalen, vaststellen, beoordelen, vastleggen]
het herstel
the recovery; repair; restoration
omzetten
to convert (into), turn (into); to turn over, sell
de score
the score
de opvatting
the view, notion, opinion [not de visie, de stellingname]
de herhaling
the repetition, recurrence, replay, repeat
de complicatie
the complication
vermenigvuldigen
to multiply
ambulant
ambulant
het attribuut
the attribute
resulterend
resulting
de convergentie
the convergence
communiceren
to communicate
de kwalificatie
the qualification [not de kwaliteit, de eigenschap, het kenmerk]
nabootsen
to imitate, copy
frappant
striking, remarkable
automatiseren
to automatize
vergelijken
to compare
het gehalte
the content, proportion
de diagonaal
the diagonal
de overweging
the consideration, reason, thought
grof
rough, rude, coarse [not globaal, grofweg]
omschakelen
to switch over (to), convert
invoegen
to insert (into)
het complement
the complement
soortgelijk
similar; of the same kind
preventief
preventive
de afname
the decline, decrease; purchase; sale [not de verlaging, de daling, de vermindering]
de connotatie
the connotation
de uitkomst
the outcome, result
dynamisch
dynamic
de materie
the matter
bediscussiëren
to discuss
haalbaar
feasible, attainable
introduceren
to introduce, acquaint one person with another
het netwerk
the network
onterecht
undeserved, unfairly
de universiteit
the university
de identificatie
the identification
de snelheid
the speed, pace, tempo, swiftness, rapidity
bijstellen
to (re-)adjust [not bijschaven, bijsturen]
het naschrift
the epilogue
het rendement
the efficiency, output, performance; return, yield, output
isoleren
to isolate
aansturen
to aim for, aim at, steer towards; drive at
erkend
recognized, acknowledged, authorized
de omschakeling
the switch, shift, changeover
specificeren
to specify
visueel
visual
de toevoeging
the addition, additive [not de optelling, het additief]
de interpretatie
the interpretation
gericht
directed (at, towards), aimed (at, towards); specific
de trendbreuk
the shift, deviation from the trend
gepaard (gaan met)
accompanied (by)
de onzekerheid
the uncertainty
de uitwisseling
the exchange
toevoegen
to add [not bijtellen, optellen]
de wetenschap
the science, knowledge, learning, scholarship
de instroom
the inflow, influx
postuleren
to postulate
populariseren
to popularize
vertekend
distorted
klinisch
clinical
documenteren
to document
exact
exact
positioneel
positional
de relevantie
the relevance
de hogeschool
the polytechnic, college
het werkcollege
the tutorial, seminar
methodologisch
methodological
merkwaardig
peculiar, noteworthy
de rangorde
the order of precedence [not de rangschikking, de orde, de ordening, de sortering]
aanpassen
to adapt (to), adjust (to); to try on, fit on
ondergraven
to undermine
het debat
the debate
inactief
inactive
onacceptabel
unacceptable
sorteren
to sort
de functie
the function
het profiel
the profile
voormalig
former
herkansen
to resit, re-exam
de bètawetenschappen
the exact sciences
het plagiaat
the plagiarism
eerstvolgend
next, closest
representeren
to represent
de afwijzing
the rejection, refusal
de ruis
the noise [not het lawaai]
de formule
the formula
het model
the model
de balans
the balance
theoretisch
theoretical
formaliseren
to formalize
cruciaal
crucial
additioneel
additional [not bijkomend, bijbehorend, bijkomend, bijgaand]
groeien
to grow [not vermeerderen, toenemen]
het fenomeen
the phenomenon
de bedreiging
the threat
de prestatie
the achievement, performance, feat
de waarschuwing
the warning; caution; reminder
divergent
divergent
beklijven
to sink in, keep on, endure, last [NL: blijven hangen, bestaan, duren]
de media
the media
veroorzaken
to cause, bring about
transformeren
to transform
de kans
the chance, possibility, opportunity
rendabel
profitable, cost-effective [not effectief]
de locatie
the location
de kantlijn
the margin [not de marge]
essentieel
essential
de uitzondering
the exception
gelijknamig
of the same name
standaardiseren
to standardize [not normeren]
de samentrekking
the contraction
afwijzend
unfavourable, opposed (to), rejected
de asymmetrie
the asymmetry
de factor
the factor
informeren
to inform
beperken
to limit, restrict (to) [not begrenzen, limiteren]
ramen
to estimate (the cost)
bespreken
to discuss, talk about; to comment on, review; to book, reserve
het concept
the concept
desgevraagd
if requested
versimpelen
to simplify
de realisatie
the realization
het gegevensbestand
the database
bijbehorend
corresponding, associated, matching [not overeenkomstig, bijkomend, bijgaand]
de eenduidigheid
the unequivocalness, unambiguousness
arbitrair
arbitrary
de diagnose
the diagnosis
testen
to test [not toetsen ,beproeven, verifiëren, uit...]
formuleren
to formulate, phrase
steekhoudend
convincing, solid
de component
the component
de omschrijving
the description, paraphrase; the definition, specification, characterization [not de definitie, het kenmerk]
academisch
academic
opvallend
striking, conspicuous, marked [not belangwekkend]
domineren
to dominate [not beheersen]
het imago
the image
alterneren
to alternate
de benadering
the approach
de oplossing
the solution
vastleggen
to record, put sth. down (in writing); tie up [not opnemen, vaststellen, bepalen]
vergelijkbaar
comparable
de matrix
the matrix
het signaal
the signal
aansprekend
appealing
gedogen
to tolerate, permit, allow, put up with
bijsturen
to steer away from, adjust (plan); (car, ship) steer (away, from, towards, etc.) [not bijstellen]
bedragen
to amount to, number; (money) come to be [not nummeren]
het budget
the budget
efficiënt
efficient
de redundantie
the redundancy
ondervangen
to meet with objections, receive, intercept, catch on way, abolish, cancel, annul, undo, nullify, neutralize, unpick
kristalliseren
to crystallize
analoog
analogous
de restrictie
the restriction
lucratief
lucrative, profitable
het monster
the sample, monster
reëel
real, actual; realistic, reasonable
het defect
the defect
de variabele
the variable
wijdvertakt
many-branched, twiggy
de reader
the reader
conventioneel
conventional
doseren
to dose
grofweg
roughly, about, in the region of [not globaal, grof, circa]
de gegevens
the data, information
technisch
technical
de schets
the sketch, outline
de hypothese
the hypothesis
integer
incorruptible, upright, honest
cyclisch
cyclic
gebruikelijk
usual, customary, common
spenderen
to spend
aandragen
to put forward, carry, bring (up, along, to)
het rapport
the report
de feitenkennis
the factual knowledge
de nascholing
the refresher course(s)
verwoorden
to word, express
het veelvoud
the multiple
het element
the element
de organisatie
the organization
de proefpersoon
the test person
de basis
the basis
de nummering
the numbering [not de rangschikking, het getal]
stagneren
to stagnate, come to a standstill
effectief
effective [not rendabel]
onopgemerkt
unnoticed
significant
significant
de ontdekking
the discovery
pragmatisch
pragmatic
het prototype
the prototype
toedichten
to ascribe, blame
universitair
university, academic
overtollig
superfluous, redundant; surplus, excess
het randverschijnsel
the peripheral phenomenon
bezighouden (zich)
to occupy, busy (oneself) (with)
marginaal
marginal
fuseren
to merge
de synthese
the synthesis
wijdverbreid
widespread [not wijdverspreid]
de suggestie
the suggestion
fundamenteel
fundamental
nascholen
to offer continuing education, refresher course
de ratio
the ratio
de faculteit
the faculty
implementeren
to implement
terugkoppelen
to give feedback
uitvoeren
to carry out, export, do
de thesaurus
the thesaurus
amorf
amorphous
de doctor
the doctor (title)
de aanpassing
the adaptation, adjustment (to)
omzeilen
to circumvent, by-pass, skirt, get round
de vergroting
the expansion, enlargement, increase [not de toename, de verhoging, de groei]
de toename
the increase, growth [not de vergroting, de verhoging, de vermeerdering, de groei]
verwaarloosbaar
negligible
interrumperen
to interrupt [not interfereren]
meewegen
to take (also) into account [NL: naast andere dingen ook relevant zijn]
raadplegen
to consult, confer with
het restant
the remainder, remnant
de referentie
the reference [not de verwijzing]
de setting
the setting
modaal
average
toepasbaar
applicable
verifiëren
to verify [not toetsen, nazoeken, (uit)testen]