Level 5 Level 7
Level 6

verba > 3 keer


95 words 0 ignored

Ready to learn       Ready to review

Ignore words

Check the boxes below to ignore/unignore words, then click save at the bottom. Ignored words will never appear in any learning session.

All None

Ignore?
zijn, bestaan
sum
geven
do
zien
video
zeggen, spreken, noemen
dico
maken, doen
facio
hebben, houden
habeo
kunnen
possum
zetten, plaatsen, leggen
pono
houden van, beminnen
amo
(ver)dragen, brengen, voeren
fero
(ont)vluchten
fugio
(vast)houden, bezitten
teneo
streven naar, vragen (aan: a(b)), trachten te bereiken, gaan naar, aanvallen
peto
menen, geloven, (toe)vertrouwen
credo
gewoon zijn
soleo
komen
venio
vertellen, rapporteren, terugbrengen
refero
het is van belang
refert
vereren, bebouwen
colo
verzamelen, lezen, kiezen
lego
verlaten, achterlaten
relinquo
vragen, zoeken
quaero
menen, beschouwen als
puto
wensen
opto
vertellen
narro
aanwezig zijn
adsum
bevallen, in de smaak vallen
placeo
bedriegen; onpers: het ontgaat (+ acc. pers.)
fallo
willen
volo
vallen
cado
gaan, stromen
meo
bedekken
tego
volgen
sequor
kwetsen, schaden
laedo
beëindigen
finio
pakken
capio
toevoegen
addo
bevelen
iubeo
leren kennen
nosco
worden, gebeuren
fio
bidden, smeken
oro
leven
vivo
zwemmen
no
zien
specto
strooien, werpen
spargo
spreken
loquor
buigen, veranderen
flecto
afwezig zijn
absum
markeren, bemerken
noto
verlichten
levo
op de vlucht jagen
fugo
bewegen
moveo
groeien, ontstaan
cresco
(af)meten
metior
gaan
eo
blijven
maneo
gehoorzamen
pareo
bevestigen, zeggen
aio
proberen
tempto
aanraken
tango
pakken, nemen
sumo
hooghouden, uithouden
sustineo
hopen
spero
schrijven
scribo
bidden
precor
aan het hoofd zetten van, verkiezen boven (m. dat.)
praepono
te gronde richten, verliezen
perdo
ontkennen, weigeren
nego
veranderen
muto
mengen
misceo
verbinden
iungo
(op de voet) volgen
insequor
blijven steken
haereo
moeten, verschuldigd zijn
debeo
verwijderd zijn van, verschillend zijn
disto
verlangen
cupio
dwingen, verzamelen
cogo
samenbinden
colligo
verzamelen
colligo
wegdragen, wegnemen
aufero
voeren, leiden, handelen
ago
(om)draaien
verto
zwijgen
taceo
voelen, merken
sentio
op zich nemen, naderen
subeo
staan
sto
zenden
mitto
onderdompelen
mergo
vinden
invenio
gaan zien, bezoeken
viso
(haar) kammen
como
geboren worden
nascor
trekken, uitrukken
vello
verwerven, voortbrengen
pario
zeggen, spreken
for